In kasteel Belvedere liep iedereen op kousenvoeten, van eenvoudige lakei tot gegalloneerde hofmaarschalk. De koningin lag te bed met griep en moest rusten. Omdat de koningin ook luidruchtige en nogal expliciete koortsdromen had, had de hofmaarschalk eenieder bevolen om grote wattenproppen in de oren te stoppen, maar die maatregel bleek in de praktijk niet werkbaar.
Zijne majesteit, Albert II, liet het niet aan zijn hart komen. Met een helse vaart en met vervaarlijk veel kabaal zoefde hij door de kasteelgangen. Het zwartgeelrode skateboard dat hij als geschenk had ontvangen voor vijftien jaar koningschap, was waarlijk een schot in de roos gebleken, net zoals het hele koningsfeest overigens, Te Deum inbegrepen.
Een nieuwe hoed

Toen ik de vorst niet zonder moeite uit een draaideur had bevrijd, was het tijd voor een adempauze en een goed gesprek.
'Wat vindt u van mijn nieuwe hoed, mijnheer Van Dievel?' stak de koning van wal.
'Hij staat u geweldig, sire, U lijkt wat op Gorbachov met die hoed, maar dan zonder die storende wijnvlek,' antwoordde ik.
'Vleier!' zei de vorst, en hij porde mij speels in de ribben, waardoor - ik hoef u dat eigenlijk niet meer te vertellen - alle belletjes van mijn narrenpak zachtjes klingelden en rinkelden.
'U ziet er content uit, majesteit,content en patent en effervescent.'
'Effervescent?' vroeg de koning verbaasd.
'Bruisend, bedoel ik.'
'Tja mijnheer Van Dievel,' grapte Albert II terwijl hij op komische wijze een hoge borst opzette, 'wie in deze moeilijke tijden <em>'het cement van de natie'</em> wordt genoemd, mag eigenlijk niet klagen.'
De index der consumptiegoederen
Ik schraapte mijn keel.
'Er is ook minder goed nieuws, sire,' zei ik voorzichtig.
'Laat maar komen,' zei de vorst wat overmoedig.
'U krijgt zes procent opslag.'
'A la bonne heure!' riep het staatshoofd uit, ' Het werd tijd! Paola en ik kregen de eindjes bijna niet meer aan elkaar geknoopt. Leve de index, vive l'index! Alle Belgen gelijk voor de wet!'
Andermaal schraapte ik mijn keel.
'Helaas ligt dat wat delicaat, sire. Uw dotatie is namelijk aan de index van de consumptiegoederen gekoppeld, en de lonen van uw onderdanen aan de gezondheidsindex.'
'Ja en dan?'
'Wel, euh, dat wil zeggen dat bij uw pree rekening wordt gehouden met de prijzen van tabak, alcohol en brandstof, en bij de modale Belgen niet.'
'Ja en dan?'
Van der Kelen
Ik had de stille indruk dat het goede humeur van de vorst wat aan het omslaan was.
'Er zijn vooraanstaande opiniemakers die vinden dat u afstand moet doen van uw opslag, als gebaar naar de gewone man (M/V) toe.'
'Toch Yves Desmet van De Morgen niet!' smaalde de koning.
'Luc Van der Kelen schrijft in Het Laatste Nieuws dat u dat niet verdiend hebt,' sprak ik zacht maar met voldoende articulatie.
Het werd stil.
Een geweldig idee!
Toen verscheen er, zoals in de stripverhalen pleegt te geschieden, een stralend lampje boven het hoofd van het staatshoofd. Hij had een idee!
'Mijnheer Van Dievel,' sprak Albert op samenzweerderstoon, 'ik zou het geweldig appreciëren mocht u de heren De Leeuw en Cortebeeck van de vakbonden willen opbellen. Vertel hen dat de kritiek op de koninklijke opslag een manoeuver van het patronaat is, een aanslag op de koopkracht door het liberale grootkapitaal. Als de koning afziet van zijn indexverhoging, moet u hen vertellen, dan kunnen de patroons ongegeneerd pleiten voor een indexsprong voor de hele bevolking. Begrijpt u wat ik bedoel? Arme koning, arme Belgen, rijke vorst, rijke onderdanen!'
En de koning knipoogde.
'U bent waarlijk een slimme vos, majesteit!' prees ik hem.
Waarna de vorst opnieuw zijn skateboard beklom en roekeloos de trappen afdaalde.
'Kameraad De Leeuw,' sprak ik wat later op de voicemail van de ABVV-voorzitter, 'er is een nieuwe koningskwestie in de maak. Wilt ge mij asap terugbellen?'