vrijdag 28 november 2008

Hoofdstuk 2

2. Een opgeroepen burger met de naam FidelHerman Moreels had tot dan toe de routinewerkzaamheden van het Hof ogenschijnlijk afwezig gevolgd. Hij had zich vergenoegd met brommen en knikken, hoofs knikken weliswaar, telkens de voorzitter hem een van de wettelijke voorziene vragen voorschotelde. Assisen was een poppenkast, vond Moreels, en poppenkast was uit de tijd. Maar het gaf standing om als openbaar ministerie op te treden. Het plaatste je in de schijnwerpers. Het was eens wat anders dan de...

lees meer...

zondag 23 november 2008

Hoofdstuk 1

1. Een regenachtige dag in AntwerpenIn stilte verwenste hij zichzelf dat hij gekomen was. Hij had zonder problemen een ziekteattest kunnen losweken bij zijn huisdokter. ‘Herman, kijk nu, ik ben opgeroepen om in een assisenjury te zetelen. Maar ik heb daar geen tijd voor. Aan de dop kunnen ze mij niet missen.’ Hij zou daarbij geknipoogd hebben. ‘Ik heb last van mijn bloeddruk, dat weet ge toch Herman.’ Herman Verhelst zou gevraagd hebben naar de zaak waarover het ging. ‘Is...

lees meer...

vrijdag 21 november 2008

De comeback van nonkel Van Grauwel

 

De koning had mij laten roepen en dus haastte ik mij per step door de lange gangen van het paleis naar de troonzaal. Tot mijn verbazing was de vorst niet alleen. Ook koningin Fabiola was op een vouwstoeltje naast het staatshoofd gezeten, nadrukkelijk aanwezig.

'Mijnheer Van Dievel,' stak de koning zonder omwegen van wal, ' mijn schoonzuster en ik hebben zonet naar het middagjournaal van de VRT gekeken. Wij hadden van Mathilde, onze schoondochter en aangetrouwde nicht, gehoord dat zij in een school sprookjes zou voorlezen en dat de televisie dat was komen filmen.'

Ik vreesde al dat er niets van het materiaal was uitgezonden en dat ik - gezien mijn uitstekende relaties met de VRT-top - moest informeren hoe dat kwam en of dat nog kon worden gerepareerd.

 

De premier leest voor

 

'Fabiola en ik vonden dat heel schoon,' nam de vorst mijn zorgen weg.
De koningin zonder land knikte heftig, zo heftig dat ik vreesde voor de stabiliteit van haar kapsel.

'Maar toen, mijnheer Van Dievel,' vervolgde het staatshoofd met schrikogen, ' verscheen daar plots ook een individu in beeld, waarin mijn schoonzuster en ik slechts na enkele ogenblikken en met een  schok mijnheer Verhofstadt herkenden.'

 

Nonkel Van Grauwel

 

Ook ik had op het journaal gezien hoe angstige  kinderen werden gedwongen om naar de voorlezende voormalige premier te luisteren. 

'Die kinderen waren precies niet heel tevreden met het sprookje,' articuleerde Fabiola moeizaam, ze heeft maar weinig kansen om haar Vlaams te oefenen.
'Of met de voorlezer,' voegde Albert II er veelbetekenend aan toe, 'bij ons Mathild kondt ge duidelijk zien dat de kinderen gelukkig waren'

Ik wilde mij er grappend vanaf maken door te verwijzen naar nonkel Van Grauwel, maar deze icoon, deze creatie van  Bart Peeters  en Hugo Mattijssen uit het Leugenpaleis was de <em>royals</em> helaas vreemd.

 

Een strandjanet

 

'Mijnheer Van Dievel,' kortwiekte de koning mijn verwarde en omslachtige poging tot uitleg, 'hebben wij dat goed gezien en heeft mijnheer Verhofstadt zijn haar laten blonderen? En zo ja, om welke goede redenen?'

Opnieuw wilde ik er mij met een grapje vanaf maken. Over de midlife crisis. Over het onderschatte forever young syndroom. Ten behoeve van koningin Fabiola vertaalde ik zelfs het woord 'strandjanet' naar het Spaans als 'maricon de la playa'. Maar de koning wilde geen grapjes horen.

 

Een comeback?

 

'Is mijn vermoeden juist en bereidt de heer Verhofstadt zijn comeback voor?' vroeg Albert II straightforward.
'Zou hij welkom zijn?' kaatste ik de bal terug.
Er verscheen een extra diepe rimpel in het alreeds geonduleerde voorhoofd van zijne majesteit.

'Met mijnheer Verhofstadt viel er tussendoor nog wat af te lachen,' sprak de koning bedachtzaam, 'meer dan met mijnheer Leterme in ieder geval. Mijnheer Leterme ziet er ook zo getormenteerd en uitgeblust uit. Terwijl mijnheer Verhofstadt er integendeel zeer ontspannen en fit bijloopt. Zouden de kiezers daar rekening mee houden, denkt u?'
Koningin Fabiola was inmiddels ingedommeld.

 

Op fluistertoon

 

'Majesteit,' antwoordde ik op fluistertoon om haar niet te wekken, ' Verhofstadt wordt al slapend rijk. Want hoe hard Yves Leterme ook zijn best doet, hij zal een recessie niet kunnen tegenhouden. En als de mensen bang zijn voor hun portemonnee en hun werk en hun pensioen, zullen ze zelfs bereid zijn om in juni volgend jaar te stemmen voor de man die met Pasen van dit jaar net op tijd naar Italië verhuisde.'

maandag 17 november 2008

Ik stond in de Humo! (van 10/11/08)

 

 

Ik heb op mijn Boekenbeurblog verschillende columns geschreven over het verschijnsel BV-boek.

 

Dwarskijker: Braderij-Schrijver

 

....

Nu, die BV's weten vaak zelf niet dat er een boek in hen schuilt. Volgens mij achten ze de kans op een lintworm groter, als er dan toch iets in hen moet schuilen. Het zijn de uitgevers die het glimplebs op ideeën brengen, en een beetje uitgever is tegenwoordiger een beotiër die met vrucht de Vlerick Mangament School heeft doorlopen, waar hij vast heeft geleerd dat kwaliteitsbewaking tijdverlies is, en dus geheel oneconomisch. Daaruit besluit hij dan dat een boek ook maar banale handelswaar is, en dat het op een navenante manier aan de man moet worden gebracht, als merchandising van populaire nitwits, die nooit iets anders dan boodschappenlijstjes of brieven aan hun fosterkind hebben geschreven: 'Beste Ndugu, ik stuur je hierbij mijn boek, dat ik zelf niet heb gelezen, omdat ik het te druk heb in het schnabbelcircuit. Ik hoop dat je er veel plezier aan zult beleven, als je eenmaal het Vlaams machtig bent. Doe je best!'

 

Nog diezelfde avond besteede 'Terzake' enige aandacht aan het zogeheten BV-boek, maar ook in dat programma was geen uitgever van onbetekenend, meestal door balende ghostwriters ineengeflanst drukwerk te bespeuren, terwijl ik toch benieuwd was naar de verantwoording van zulke lieden. Louis Van Dievel , auteur van vijf boeken, mocht de honneurs waarnemen: zonder er noemenswaardig over te mopperen stelde hij de overweldigende aanwezigheid van BV-boeken op de Boekenbeurs en in de reguliere boekhandel vast. Zijn subtekst luidde: je kunt er als schrijver die geen kunstjes opvoert niet meer tegenop.

 

 

Maar Van Dievel regelde zijn eigen zaakjes wel: een tijd geleden was hij in zijn woonplaats Kalmthout met zijn boeken op de braderij gaan staan, 'tussen een hamburgerkraam en een springkasteel in'. Dertig boeken had hij daar gesleten, en van die triomf leek hij in de studio van 'Terzake' nog na te genieten.

 

 

 

Moet een schrijver, die naam waardig, in de lucht van walmende hamburgers op een braderij gaan staan? Is dat niet - hoe zou ik het met de nodige schroom uitdrukken - zielig?  Bijna nog zieliger dan de oogopslag van Bob Van Laerhoven op de Boekenbeurs? Is het ook niet stijlloos?

In ieder geval strookt het niet met mijn gevoel voor decorum...

(RV)

 

Over de kwestie van de BV-boeken heb ik enkele columns geschreven geschreven op mijn Boekenbeursblog.

Leve de index! Vive l'index!

In kasteel Belvedere liep iedereen op kousenvoeten, van eenvoudige lakei tot gegalloneerde hofmaarschalk. De koningin lag te bed met griep en moest rusten. Omdat de koningin ook luidruchtige en nogal expliciete koortsdromen had, had de hofmaarschalk eenieder bevolen om grote wattenproppen in de oren te stoppen, maar die maatregel bleek in de praktijk niet werkbaar.

Zijne majesteit, Albert II, liet het niet aan zijn hart komen. Met een helse vaart en met vervaarlijk veel kabaal zoefde hij door de kasteelgangen.  Het zwartgeelrode skateboard dat hij als geschenk had ontvangen voor vijftien jaar koningschap, was waarlijk een schot in de roos gebleken, net zoals het hele koningsfeest overigens, Te Deum inbegrepen.

 

Een nieuwe hoed

 

 

Toen ik de vorst niet zonder moeite uit een draaideur had bevrijd, was het tijd voor een adempauze en een goed gesprek.
'Wat vindt u van mijn nieuwe hoed, mijnheer Van Dievel?' stak de koning van wal.
'Hij staat u geweldig, sire, U lijkt wat op Gorbachov met die hoed, maar dan zonder die storende wijnvlek,' antwoordde ik.
'Vleier!' zei de vorst, en hij porde mij speels in de ribben, waardoor - ik hoef u dat eigenlijk niet meer te vertellen - alle belletjes van mijn narrenpak zachtjes klingelden en rinkelden.
'U ziet er content uit, majesteit,content en patent en effervescent.'
'Effervescent?' vroeg de koning verbaasd.
'Bruisend, bedoel ik.'
'Tja mijnheer Van Dievel,' grapte Albert II terwijl hij op komische wijze een hoge borst opzette, 'wie  in deze moeilijke tijden <em>'het cement van de natie'</em> wordt genoemd, mag eigenlijk niet klagen.'

 

De index der consumptiegoederen

 

Ik schraapte mijn keel.
'Er is ook minder goed nieuws, sire,' zei ik voorzichtig.
'Laat maar komen,' zei de vorst wat overmoedig.
'U krijgt zes procent opslag.'
'A la bonne heure!' riep het staatshoofd uit, ' Het werd tijd! Paola en ik kregen de eindjes bijna niet meer aan elkaar geknoopt. Leve de index, vive l'index! Alle Belgen gelijk voor de wet!'

Andermaal schraapte ik mijn keel.
'Helaas ligt dat wat delicaat, sire. Uw dotatie is namelijk aan de index van de consumptiegoederen gekoppeld, en de lonen van uw onderdanen aan de gezondheidsindex.'
'Ja en dan?'
'Wel, euh, dat wil zeggen dat bij uw pree rekening wordt gehouden met de prijzen van tabak, alcohol en brandstof, en bij de modale Belgen niet.'
'Ja en dan?'

 

Van der Kelen

 

Ik had de stille indruk dat het goede humeur van de vorst wat aan het omslaan was.
'Er zijn vooraanstaande opiniemakers die vinden dat u afstand moet doen van uw opslag, als gebaar naar de gewone man (M/V) toe.'
'Toch Yves Desmet van De Morgen niet!' smaalde de koning.
'Luc Van der Kelen schrijft in Het Laatste Nieuws dat u dat niet verdiend hebt,' sprak ik zacht maar met voldoende articulatie.

Het werd stil.

 

Een geweldig idee!

 

Toen verscheen er, zoals in de stripverhalen pleegt te geschieden, een stralend lampje boven het hoofd van het staatshoofd. Hij had een idee!

'Mijnheer Van Dievel,' sprak Albert op samenzweerderstoon, 'ik zou het geweldig appreciëren mocht u de heren De Leeuw en Cortebeeck van de vakbonden willen opbellen. Vertel hen dat de kritiek op de koninklijke opslag een manoeuver van het patronaat is, een aanslag op de koopkracht door het liberale grootkapitaal. Als de koning afziet van zijn indexverhoging, moet u hen vertellen, dan kunnen de patroons ongegeneerd pleiten voor een indexsprong voor de hele bevolking. Begrijpt u wat ik bedoel? Arme koning, arme Belgen, rijke vorst, rijke onderdanen!'
En de koning knipoogde.
'U bent waarlijk een slimme vos, majesteit!' prees ik hem.
Waarna de vorst opnieuw zijn skateboard beklom en roekeloos de trappen afdaalde.

'Kameraad De Leeuw,' sprak ik wat later op de voicemail van de ABVV-voorzitter, 'er is een nieuwe koningskwestie in de maak. Wilt ge mij asap terugbellen?'

 

zaterdag 15 november 2008

Proloog: de Magerenhoek

Bieke, godverdomme!Er wordt hard op de deur gebonsd. Dan geroepen. Een rauwe stem, verminkt door sigaretten en drank. Een vettig Antwerps accent. 'Bieke! Bieke! Is die tiep weg? Mag ik binnenkomen?' 'Ik heb zo’n goesting! ' 'Bieke? Slaapt gij of wat?' Opnieuw gebons. Gemorrel aan de klink. Het geluid van een sleutel die uit het slot rinkelend op een stenen vloer valt. Aan de andere, aan de verkeerde kant. 'Laat mij toch binnen, Bieke! Ik zal betalen. Ik heb twintig euro Bieke. ' 'Allez toe.'...

lees meer...

woensdag 12 november 2008

De speeltijd is voorbij

'Een familiegeschiedenis, etc.' ligt al ruim twee maanden in de boekhandel en verkoopt prima. De vrachtwagens van Van Dievel Transport met rijdende reclame zijn een sierraad in het dagelijks verkeer (nog een goede week, vermoed ik). De boekenbeurs, waar ik overigens geen enkele Van Dievel heb ontmoet, is voorbij. En dat geldt ook voor de speeltijd.

Hoog tijd om aan een nieuwe roman te beginnen.

 

Bij iedere regeringsvorming wordt er wel een hervormingsplan voor de assisenrechtspraak aangekondigd. Er ligt al meer dan één rapport van deskundigen te vergelen. Maar vroeg of laat zal het er wel van komen, en wordt er een eind gesteld aan een redelijk unieke rechtbank en een redelijk unieke rechtspraak, die dateren van de Franse revolutie. Over de zwaarste misdaden, bijvoorbeeld een mens die een medemens vermoordt,  oordeelt een volksjury. En bepaalt die volksjury ook - zij het in samen spraak met het hof (de rechters) - de strafmaat. Voor het zover komt, wil ik een roman over het Hof van Assisen geschreven hebben. Over het toneel dat daar met dodelijke ernst wordt opgevoerd. Want een toneelspeel is het, en dat is niet minachtend bedoeld. De jury, het hof, de beklaagde, de verdediging, het openbaar ministerie,de getuigen,  elk speelt zijn rol en als het doek valt, valt er ook een vonnis.

 

Maar wat  gebeurt er als één van die partijen zijn rol niet eerlijk speelt. Wat geschiedt er als bijvoorbeeld een jurylid om welbepaalde redenen, probeert de loop van het proces en het oordeel te beïnvloeden? Hoe reageren de andere partijen als ze beginnen te voelen dat er iets niet klopt, dat iemand een andere toneeltekst gebruikt?

 

Daarover zal mijn nieuwe roman gaan. Hij zal zich afspelen in de enige echte Assisenzaal van het oude Antwerpse justitiepaleis. Van maandag tot vrijdag. 

Er zal een moord zijn, gepleegd in een marginaal milieu. Maar het nieuwe boek zal géén misdaadroman zijn. Ik ben blij dat ik terug kan keren naar de wereld die ik in 'Ik ben de vuilnisman' heb geschilderd. Het zal dus geen vrolijke roman worden, al zal er toch gelachen kunnen worden. En de beklaagde die voor moord terechtstaat, zal maar één been hebben. De werktitel luidt daarom : 'De Unijambist', wat een kanjer van een gallicisme is, maar dat kan me niet schelen.

 

Hoor ik daar iemand 'Beschuldigde sta op' zeggen? Want inderdaad, met dat legendarische BRT-programma zal het boek veel gemeen hebben.

 

En opnieuw zal ik de roman tot over de helft op mijn website publiceren. Om u te plezieren, zeker wel, maar ook om veel mails of reacties te krijgen over de fouten, onnauwkeurigheden en dwaasheden die ik  schrijf.

Zaterdag zet ik de proloog al online. Dan weet ik dat ik tegen de zaterdag daarna een nieuw stuk klaar moet hebben... :)-

 

Men zegge het voort!

 

Louis van Dievel